Files! Slechts een van de problemen waar een metropool als Mexico-stad mee worstelt. De Mexicaanse hoofdstad is met ruim twintig miljoen inwoners een van de grootste steden ter wereld. De voorsteden groeien nog steeds explosief, met alle consequenties van dien.
De stad werd in 1325 door de Azteken gesticht op een eiland in het hooggelegen Texcocomeer. Al snel breidde de bebouwing zich uit naar andere eilanden, waardoor een soort Venetië ontstond. Maar juist die vestigingsplaats is debet aan een aantal grote problemen waarmee de stad kampt. De metropool ligt in een dal dat aan alle kanten omgeven is door hoge vulkanen. Gevolg daarvan is dat de luchtvervuiling blijft hangen. Doordat Mexico-stad in het laagste punt van het dal ligt, kan vervuild water moeilijk wegstromen. Wat rest van het Texcocomeer is daardoor bijzonder giftig. Dat zorgt weer voor drinkwaterproblemen.
Een steeds groter percentage van de wereldbevolking leeft in enorme stedelijke agglomeraties. Deze tendens is vooral zichtbaar in ontwikkelingslanden. Steden als Mumbai (Bombay), Sjanghai, Lagos en Jakarta kampen met vergelijkbare problemen als Mexico-stad. Steeds meer grond en hulpbronnen zijn nodig om de bevolkingsgroei op te vangen. Al in 1972 constateerde de Club van Rome dat er grenzen aan de groei zitten. Ze waarschuwde voor uitputting van natuurlijke hulpbronnen door de voortdurend groeiende behoefte aan voedsel, energie en drinkwater.
Daar is overigens bepaald niet alleen de bevolkingsgroei in ontwikkelingslanden de oorzaak van. Nederland heeft bijvoorbeeld een kleine bevolkingsgroei, maar de ‘ecologische voetafdruk’ (de aanslag op het milieu per inwoner) is onevenredig groot. Het beroep dat een Nederlander doet op landbouwgrond, bossen, visgronden, bebouwde grond en fossiele brandstoffen is vijf keer zo groot als dat van een Keniaan of een Indiër. Als iedere wereldburger eenzelfde hoeveelheid energie, ruimte, voedsel en water zou gebruiken als de Nederlander, zouden de natuurlijke hulpbronnen versneld uitgeput raken en het milieu verder overbelast worden. Toch heeft het Westen geen legitieme basis om aan anderen te ontzeggen wat men voor zichzelf heel normaal vindt. Hoe moet de wereldbevolking uit dit dilemma komen?



